8 tips om je fiets zelf te onderhouden

8 tips om je fiets zelf te onderhouden

Zo maak je je fiets lenteklaar

Na de winterperiode is het tijd om je fiets weer uit het tuinhuis te halen. Maar als je je fiets een paar maanden niet gebruikt hebt, dan is er wel wat opknapwerk aan. Je fiets binnenbrengen bij een fietsenmaker is niet altijd nodig: je kan het onderhoud van je fiets gemakkelijk zelf doen. We hebben daarom een checklist met acht to do's samengesteld om je fiets zelf te onderhouden en schoon te maken. Zo is hij in no-time weer veilig en lenteklaar!

  1. Maak je fiets schoon
  2. Smeer de ketting
  3. Check je bandenspanning
  4. Elektrische fiets? Check je batterij
  5. Controleer de staat van je slot
  6. Zet je zadel en stuur op de juiste hoogte
  7. Check je remmen
  8. Kijk je verlichting na

1. Maak je fiets schoon

Begin met een goede poetsbeurt. Borstel eerst het frame en de wielen goed af. Vergeet daarbij de velgen en de spaken niet! Ga vervolgens met een spons en een emmer warm water aan de slag, en schrob je fiets goed schoon.

Tip: delen van je fiets die erg vuil zijn, zoals de binnenkant van de spatborden, kan je het makkelijkst schoonmaken met autoshampoo of afwasmiddel. Doe dit in een drinkfles, meng het met warm water en spuit dan doelgericht op de vuile delen. Velgen en spaken krijg je het makkelijkst schoon met een katoenen doek of een versleten t-shirt.

Alles grondig geschrobd? Gebruik voldoende water om de laatste restanten vuil weg te krijgen. Let daarbij op dat de straal niet te hard is, en gebruik zeker geen hogedrukspuit! Op die manier bestaat de kans dat je onderdelen nat maakt die dat helemaal niet horen te zijn, denk maar aan de versnellingsnaaf of de trapas.

Je maakt je fiets dus beter schoon zonder tuinslang of hogedrukreiniger. Let ook extra op bij het schoonmaken van een elektrische fiets. Voor je begint, verwijder je best eerst de batterij, zo voorkom je dat die vochtig wordt.

 

Fiets-schoonmaken.jpg
Batterij-verwijderen-van-je-elektische-fiets.jpg
Maak je fiets schoon met autoshampoo of afwasmiddel. Elektrische fiets? Vergeet je batterij niet weg te halen.

2. Smeer de ketting

De fietsketting kan er na een aantal maanden in het tuinhuis roestig uitzien. Maak de ketting eerst schoon. Net zoals andere vuile onderdelen gaat dat het makkelijkst met afwasmiddel. Ook met een remmenreiniger kan je je fietsketting gemakkelijk reinigen.

Spuit de ketting daarna in met een ontvetter terwijl je de trapper naar achteren draait. Droog de ketting af met een doek of t-shirt. Vervolgens olie je de ketting. Dit kan met eender welke olie, maar in de regel geldt: hoe dikker de olie, hoe beter. Zo werken slaolie en frituurvet beter dan dieselolie.

Ook olijfolie en vaseline zijn een goed alternatief om je fietsketting mee in te smeren. Smeer je ketting ook niet te vaak in; doe dit enkel wanneer hij erg droog is. Overtollig smeermiddel zorgt er enkel voor dat er meer vuil wordt aangetrokken, en er sneller slijtage optreedt.

Controleer ook even of alle moeren en bouten nog goed vastzitten en smeer ze indien nodig ook even in met vaseline. Exemplaren die roest zijn, vervang je beter.

 

Ketting-smeren.jpg
Maak de ketting schoon en gebruik daarna een dikke olie om de ketting te smeren.

3. Check je bandenspanning

Tijd voor de banden. Verwijder steentjes of ander mogelijk vuil dat tussen de profielen is gekropen, en meet dan de bandenspanning van je fietsband. Zorg ervoor dat je banden altijd hard genoeg opgepompt zijn, zo voorkom je een lekke band.

Elke band heeft minimum 3,5 à 4,5 bar lucht nodig. Op de zijkant van je band staat aangegeven hoeveel bar jouw banden precies nodig hebben. Een goed opgepompte band biedt nog een aantal andere voordelen: je rijdt er een stuk lichter mee, en je banden gaan langer mee.

Als je banden te plat zijn, bestaat de kans dat er bijvoorbeeld een nagel in prikt en de band scheurt. Maak je vaak lange fietstochten? Neem dan voor de zekerheid eventueel antibandenlekspray mee, zodat je jezelf toch nog uit de nood kunt helpen bij een klein lek.

Nog een laatste tip: wissel af en toe je banden eens om, want de achterband van je fiets slijt veel sneller dan de voorband.

Bandenspanning-nakijken.jpg
De bandenspanning kan je aflezen van je buitenband. Deze band pomp je op met min. 3,5 bar en max. 5,9 bar.

4. Elektrische fiets? Check je batterij

Als je een aantal maanden niet met je e-bike hebt gereden, check dan even je accu. Een batterij die een aantal maanden niet meer heeft gewerkt, beschikt soms niet meer over voldoende capaciteit, waardoor je er een minder grote afstand mee kan afleggen.

Als je in de lente voor de eerste keer opnieuw gaat fietsen, kan het bijvoorbeeld zijn dat de accu van je elektrische fiets opeens leeg is. Je kan je e-bike laten doormeten in een fietsenspeciaalzaak, waar je fietsaccu dan uitgelezen wordt. Je kan de capaciteit van je accu echter ook zelf meten met een multimeter.

Op elke accu staat vermeld hoeveel volt er nodig is. In de meeste gevallen is dit minstens 36 volt. Toont je multimeter minder dan 36 volt aan? Dan is hij verouderd. Bij minder dan 30 volt wordt het tijd voor een nieuwe, want dan zal hij niet meer goed functioneren.

Je kan ook nagaan hoe goed je accu nog werkt door naar de oplaadtijd van de batterij en het bereik te kijken. Als het steeds langer duurt om je batterij op te laden, of als de accu van je e-bike helemaal niet meer oplaadt, dan ga je best naar een fietsenspeciaalzaak. Zij zullen de accu resetten of vervangen.

 

Batterij-elektrische-fiets-nakijken.jpg
Als de accu van je e-bike niet meer oplaadt, laat je hem best vervangen of resetten.

5. Controleer de staat van je slot

Als je wilt dat je slot goed blijft werken, moet je het ook goed onderhouden. Fietssloten lijden onder barre weersomstandigheden. Bovendien kan vuil ervoor zorgen dat je slot sneller versleten raakt. Om dit te voorkomen, kies je best voor een slot met een stofkapje.

Is je slot toch vuil geworden? Maak het eerst schoon, en smeer het slot in met een spray. Zorg ervoor dat je overtollig vet verwijdert. Kijk uit met siliconenspray: deze spray trekt vuil, en in de winter zelfs strooizout aan. Dat zorgt ervoor dat je slot sneller kapot gaat.

Heb je nog geen slot en wil je voorkomen dat je fiets gestolen wordt? Maak hem dan goed 'aardevast' vast door je fiets aan een paal of een brug te hangen. Je gebruikt best een vouwslot of een kettingslot. Dieven kunnen kabelsloten te gemakkelijk breken.

Fietsslot.jpg
Kijk je fietsslot na op stof en vuil. Fietssloten lijden onder barre weersomstandigheden.

6. Zet je zadel en stuur op de juiste hoogte

Controleer voordat je aan je fietstocht begint of je zadel en je stuur wel degelijk op de juiste hoogte staan. Een correcte zadelhoogte van je fiets is belangrijk, want enkel zo kan je de ideale zithouding verkrijgen.

Een verkeerde fietshouding kan voor schouderklachten en rugproblemen zorgen. Als je zadel en je stuur te ver van elkaar staan, neem je automatisch een slechte zithouding aan en worden je schouders en rug extra belast.

Hoe bepaal je nu de perfecte zadel- en stuurhoogte? Die is voor iedereen anders. Als je met de tenen van je linkerhoek nog net de grond kunt raken terwijl de bal van je rechtervoet op het laagste punt van de trapper staat, weet je dat je zadel hoog genoeg staat. Het is ook belangrijk dat je rechterknie nog lichtjes gebogen blijft.

Als er vaak kinderen op je fiets zitten, is het beter om het zadel wat lager te zetten. Zo kan je sneller met je voet aan de grond. Let er ook op in welke hoek je zadel staat. Sommigen vinden het aangenaam om rechtop te zitten, anderen zitten liever voorover.

Zadel-afstellen.jpg
Stel je zadel af voor een goede ergonomische fietshouding.

7. Check je remmen

Ga niet op pad zonder eerst je remmen na te kijken. Je remmen kan je gemakkelijk zelf afstellen. Controleer eerst alle vier de remblokken. Zijn de groeven weggesleten? Koop dan nieuwe remblokken. Ga ook na of de remblokjes de velgrand overal gelijkmatig raken. Indien dit niet het geval is, kan je dit met een inbussleutel aanpassen.

Rij je met een oudere fiets? Dan is die waarschijnlijk uitgerust met trommelremmen. Aan het wiel heb je een ronde, zilveren, gesloten huls met een zwart hefboompje. Daaronder heb je een grote stelschroef. Draai aan deze schroef om de remmen beter af te stellen.

Mountainbikes, bmx-fietsen en racefietsen hebben meestal velgremmen. Velgremmen stel je af door eerst de borgmoer aan het handvat los te draaien. Draai vervolgens de stelbout vast. Vijs het remblokje losser, of net vaster.

Knijp in je remmen en kijk wat er gebeurt. Veert de rem van de fiets niet terug? Dan kan het zijn dat de remkabel wat te strak aangespannen is.

Remblokken-nakijken.jpg
Bij velg- of bandremmen moeten de groeven van je remblokken goed zichtbaar zijn.

8. Kijk je verlichting na

Je kan een defect fietslicht vaak zelf herstellen. Werkt je fietsverlichting op batterijen? Ga dan na of het probleem bij de batterijen ligt, of bij het lampje zelf. In het tweede geval moet je het voor- of achterlicht van je fiets vervangen.

Heb je een dynamo in plaats van een licht op batterijen? Dan kan de oorzaak bij de bedrading van je fietsverlichting liggen. Ook de dynamo zelf kan natuurlijk kapot zijn.

Bij een banddynamo is het belangrijk dat het rollertje van de dynamo nog goed tegen de band aan loopt, en dat de kabels intact zijn. Bij een naafdynamo zit het rollertje in de naaf van je wiel, en heb voel je dus minder weerstand als je dynamo aanligt. Als je licht bij een naafdynamo niet werkt, ligt dat hoogstwaarschijnlijk aan de bedrading.

Stippel een fietsroute uit

Start rustig aan en bouw op met een korte fietsroute

Heb je onze checklist overlopen, en ben je helemaal klaar om te vertrekken? Met deze routes en tools kan je weer rustig opbouwen. 

Online Fietsrouteplanner

Op de online fietsrouteplanner vind je het volledige fietsknooppuntennetwerk van Vlaanderen met alle fietswegen en fietsknooppunten. Je kan de routeplanner gebruiken via je pc, op je tablet of op je smartphone.

  1. Open de fietsrouteplanner en kies je favoriete fietsgebied.
  2. Geef een startplaats in en klik op het knooppunt waar je de route wil starten.
  3. Klik achtereenvolgens op de knooppunten waar je zeker langs wilt fietsen. Het systeem telt automatisch de kilometers op.
  4. Klik rechts in het controlepaneel op 'interessante plaatsen' en selecteer leuke stops zoals cafés, musea, bezoekerscentra en rustplaatsen om ze op de kaart te laten verschijnen. Zo kan je je traject tot in de kleinste details plannen.
  5. Is je route volledig uitgestippeld? Download ze als gpx-bestand voor je GPS, print ze af op papier, importeer ze in de fietsknooppunten app of deel de route met je vrienden.

TIP: Verander bovenaan de standaard routemodus ‘Punt naar punt’ in ‘Surprise Me’. Kies daarna een knooppunt waar je je tocht wil starten. Geef je het gewenste aantal kilometer in en de fietsrouteplanner zal je een lusvormige route voorstellen vanaf het gekozen startpunt.

Ga naar de fietsrouteplanner

6 fietsknooppuntenkaarten

Met 6 fietsknooppuntenkaarten in Oost-Vlaanderen kan je zelf een fietsroute uitstippelen langs 3500 km verharde, veilige en grotendeels autovrije fietspaden. De fietsnetwerken Scheldeland, Vlaamse Ardennen, Waasland, Meetjesland, Leiestreek en Gent & omgeving sluiten perfect op elkaar aan. Zo rijd je van fietsknooppunt naar fietsknooppunt van de ene regio naar de andere.

Ook als je de Oost-Vlaamse grens hebt bereikt, fiets je gewoon verder door Vlaanderen langs de fietsknooppunten bij de andere provincies, Wallonië of in Nederland.

De fietsnetwerkkaarten zijn opnieuw beschikbaar vanaf eind april!

Kant-en-klare fietsroutes

Liever een kant-en-klare fietsroute? Bij Routen vind je bewegwijzerde fietslussen op het Oost-Vlaamse fietsknooppuntennetwerk, met stops voor onderweg. Zoek je route op basis van je startplaats en het aantal kilometers dat je wil fietsen.

Per route vind je alle praktische info en een routekaart met het startpunt, de te volgen knooppunten en alvast enkele mogelijke stops. Download je route als gps-bestand of als afdrukbare kaart (pdf).

Vind een fietsroute